Wat NIET te geloven als het om fitness gaat

In principe is bewegen altijd goed. Alle beetjes helpen je fit te krijgen (of fit te houden), en afhankelijk van je doel kun je kiezen uit talloze trainingsprogramma’s. Toch zijn er een flink aantal misvattingen de wereld in geholpen waardoor veel mensen minder effectief trainen dan ze zouden willen. Bij deze een paar fitnessmythes ontrafelt!

Krachttraining maakt zwaar

De eerste mythe is dat je van krachttraining zwaar zou worden, en dat vrouwen er een mannelijk postuur van krijgen. Het is waar dat spiermassa zwaarder weegt dan vetmassa, maar spiermassa is ook steviger dan vetmassa. Daar komt bij dat wanneer je meer spiermassa hebt, je gedurende de hele dag meer calorieën verbruikt. Spiermassa is actief weefsel en verbruikt brandstof om te kunnen bewegen. Hoe groter je spieren zijn, hoe meer er verbrandt wordt: ook als je achter de pc zit en óók wanneer je slaapt. Uiteindelijk zullen grotere spieren dus leiden tot een hogere stofwisseling waardoor je af zult vallen. En vrouwen hoeven niet bang te zijn in een bodybuilder te veranderen, daar hebben ze de bouw en de hoeveelheid testosteron niet voor. Natuurlijk zijn er vrouwelijke (top)sporters aan te wijzen die wel enorm gespierd zijn maar bedenk je maar dat dat met een gewoon fitnessschema en normale voeding héél lastig te bereiken is…

Train met vetverbrandingsprogramma

Één van de dingen die je beter niet kunt doen in een sportschool is je fiets of crosstrainer instellen op een ‘‘vetverbrandingsprogramma’. Deze programma’s gaan uit van het principe dat een lichaam het meeste vet verbruikt als het op lage intensiteit beweegt. Je zou dan ook maar op een laag tempo te hoeven fietsen of lopen terwijl je al je vetmassa zou verliezen. Dit klinkt niet alleen te mooi om waar te zijn, het is het ook!

Het principe dat je lichaam het meeste vet verbruikt als het op lage intensiteit beweegt klopt wel. In deze situaties haalt je lichaam zo’n 50 tot 60% van zijn energie uit opgeslagen vet. Zodra het lichaam sneller en/of harder moet bewegen gaat het lichaam andere bronnen van energie aanboren en gebruikt het nog maar voor 15 tot 30% aan vet. De meeste energie wordt dan uit (opgeslagen) koolhydraten gehaald. En toch is dit effectiever.

Een sommetje: Wanneer een dame van 68 kilo 30 minuten lang een vetverbrandingsprogramma doorloopt op een loopband zal ze zo’n 4.8 km per uur lopen. Dit wordt gezien als de vetverbrandingszone, en 50% van de calorieën die deze dame zal verbranden zal afkomstig zijn uit vet. Dit zijn ongeveer 65 calorieën.  Als deze dame nu 30 minuten op een snelheid van 14 km per uur zou lopen zou ze zo’n 440 calorieën verbranden waarvan er ongeveer 25% uit vet zouden komen. De calorieën die uit de vetvoorraad verbrand worden zijn er dus 110. Trainen op een lage intensiteit is dus echt zonde van je tijd!

Plaatselijk vet verbranden

Een laatste mythe die we nog even de wereld uit helpen is dat plaatselijk vet verbranden mogelijk zou zijn. Veel mensen doen dagelijks talloze sit-ups in de hoop een mooie platte buik te krijgen maar helaas, zo simpel is het niet. Je lichaam werkt (gelukkig) als één geheel en maakt steeds de balans op tussen hoeveel calorieën er zijn verbruikt, en hoeveel er door voeding binnen zijn gekomen. Je lichaam beloont je buikspieren niet door daar als eerste het vet weg te halen. Wat wel gebeurt is dat de spieren in dit gebied sterker worden. Je buik zal daardoor wel steviger aanvoelen.

Advertenties